ING België beurs- en economische vooruitzichten 2017

In 2016 stonden vooral politieke ontwikkelingen in de kijker: het Brexit-referendum, de verrassende overwinning van Donald Trump bij de Amerikaanse presidentsverkiezingen en het Italiaanse constitutioneel referendum.

Maandag 12 december 2016 —

Politieke onzekerheid verhult economisch herstel

In 2016 stonden vooral politieke ontwikkelingen in de kijker: het Brexit-referendum, de verrassende overwinning van Donald Trump bij de Amerikaanse presidentsverkiezingen en het Italiaanse constitutioneel referendum. Ook 2017 heeft op dat vlak een drukke kalender: verkiezingen in Nederland, Frankijk, Duitsland en misschien ook Italië. Dat allemaal gekruid met de start van de Brexit-onderhandelingen en vermoedelijke nieuwe discussies rond de houdbaarheid van de Griekse schuld.

Hoewel de inschattingen van de politieke evoluties in 2016 over het algemeen niet erg succesvol bleken, is de kans groot dat alle politieke klippen in 2017 zonder al te veel kleerscheuren worden genomen. “Als we naar de evolutie van het consumentenvertrouwen van de verschillende inkomenssegmenten kijken, lijkt vooral Italië vatbaar voor de populistische golf, terwijl het elders zou moeten meevallen,” zegt Peter Vanden Houte, Chief Economist van ING België.

Intussen blijft het economisch herstel op koers. Na een verzwakking in 2016 zou de Amerikaanse economie door de “Trumponomics” in 2017 en 2018 naar een hogere versnelling kunnen schakelen, met vermoedelijk ook hogere inflatie tot gevolg.

Ondanks alle politieke strubbelingen doet ook de Europese economie het niet slecht. Het herstel is “zelfvoedend” geworden met een dalende werkloosheid, stijgende consumptie en aantrekkende investeringen. De bouwsector, die een recessie van ongeveer zeven jaar achter de rug heeft, klimt uit het dal. En al kan politieke onzekerheid het herstel wat afremmen, toch lijkt de kans op een terugval in recessie verwaarloosbaar.

De groeilanden, die door de stijging van de grondstoffenprijzen in de loop van 2016 iets minder bleek oogden, zijn wel kwetsbaar voor eventuele protectionistische maatregelen en hogere rentes in de VS. Daarnaast zou de oververhitting van de Chinese vastgoedmarkt de Chinese groei opnieuw wat volatieler kunnen maken in 2017.

Het deflatoire gevaar ebt hoe dan ook stilaan weg en dit niet alleen in de VS. Zelfs al blijft de inflatie laag in de Eurozone, de eerste tekenen van stijgende prijzen doorheen de productieketen zijn toch waarneembaar.

De rentetrend in de VS is nu eerder stijgend en ook Europa lijkt met enige vertraging te zullen volgen. Al zal de ECB door haar beleid van overmatige liquiditeit in de geldmarkten de korte-termijnrentevoeten nog zo’n twee jaar negatief houden, de obligatierente zou wel wat eerder het einde van de kwantitatieve versoepeling kunnen anticiperen, met een steilere rentecurve tot gevolg. “De lange rente wordt nu duidelijk beïnvloed door twee tegenstrijdige trends,” stelt Peter Vanden Houte. “Enerzijds pleit de conjunctuurheropleving voor hogere rentevoeten. Anderzijds zetten de structurele trends, zoals de demografie of de productiviteitsevolutie, een rem op de mogelijke rentestijging.”

Sommigen denken dat het beleid van Donald Trump een kopie wordt van de Reaganomics met een sterkere dollar tot gevolg. Het wordt inderdaad opnieuw iets waarschijnlijker dat de greenback de pariteit haalt t.o.v. de euro. Maar hierbij moet wel in het achterhoofd worden gehouden dat de dollar aan het begin van de Reagan-rally fors ondergewaardeerd was, terwijl hij nu al aan de dure kant is, wat het opwaarts potentieel beperkt.

“Value” aandelen als nieuwjaarsgeschenk

Hoewel het politieke risico nog een spelbreker zou kunnen zijn, kan 2017 in verschillende opzichten een overgangsjaar worden op de financiële markten. Voor het eerst sinds 2006 zouden we getuige kunnen zijn van een aflossing van de monetaire politiek door budgettair beleid. Na de overname van om en bij de 25.000 miljard dollar aan financiële activa (het equivalent van het BBP van de Verenigde Staten en Japan), zullen de belangrijkste centrale banken hun programma’s voor kwantitatieve versoepeling waarschijnlijk niet meer uitbreiden. Dat betekent dat het nu de beurt is aan de overheden om maatregelen te nemen om de groei te ondersteunen. In dit opzicht zou Donald Trump met zijn programma, dat voornamelijk gebaseerd is op belastingvermindering, meer uitgaven en deregulering, wel eens heel wat navolging kunnen krijgen.

Als reactie op een ongebreidelde globalisering kan dit fiscale expansionisme nog versterkt worden door een andere vloedgolf: de opkomst van het protectionisme. Aangezien beide trends van nature leiden tot inflatie, mogen we er van uitgaan dat overheidsobligaties het moeilijk zullen blijven hebben. Na meer dan drie decennia van dalende rentevoeten en een gemiddeld rendement dat in juli jl. een dieptepunt bereikte van minder dan 0.40% hebben overheidsobligaties van de industrielanden volgens Steven Vandepitte, Beleggingsstrateeg ING België “waarschijnlijk hun beste tijd gehad.” Zeker wanneer we uitgaan van het principe dat de regeringen hun toenemende uitgaven zullen financieren met nieuwe leningen. Welnu, wie stijging van het aanbod openbare schulden zegt, zegt ook daling van de prijs van de obligaties!

In dit opzicht kunnen beleggers die zich wensen te beschermen tegen het risico dat de consumptieprijzen de doelstelling van de belangrijkste centrale banken (2%) overschrijden best kiezen voor kortlopende obligaties en/of inflatie-geïndexeerde obligaties, zo benadrukt de strateeg van ING.

Het scenario van een terugkeer van de inflatie staat in die mate opnieuw op de agenda van de financiële markten dat de prestaties van de aandelen (+4% in euro) en de grondstoffen (+10%) de obligaties (-1%) ruimschoots overtreffen sinds de Amerikaanse verkiezingen. Volgens ING België zal deze trend zich volgend jaar verderzetten, vooral als de ondernemingen erin slagen de stijging van de winsten die we waarnamen in het derde trimester te consolideren.

Concreet wordt op het beursterrein de voorkeur gegeven aan de “value” aandelen (ondergewaardeerd) - energie en Amerikaanse financiële aandelen en bepaalde Amerikaanse cyclische sectoren, zoals industrie en duurzame consumptiegoederen – ten nadele van aandelen waarvan het gedrag sterk afhankelijk is van de obligatierente (telecom, basisconsumptiegoederen, vastgoed, …)

Vanuit regionaal standpunt verkiezen we de Verenigde Staten en dan in het bijzonder de kleine en middelgrote beurswaarden, die het meest zouden profiteren van een belastingverlichting. Door de zwakkere yen kunnen ook de Japanse aandelen goed presteren. De sterkte van de dollar en de stijging van de belangrijkste rentetarieven van de Federale Reserve daarentegen zijn niet goed voor de opkomende markten en dit ongeacht het type activa (aandelen, obligaties of deviezen). Het politieke risico, dat latent aanwezig blijft binnen de Eurozone, verhindert om ronduit positief te zijn m.b.t. continentale aandelen.

Binnen het domein van de grondstoffen ligt de nadruk vooral op de industriële metalen, die de hoofdrol zullen spelen, eerder dan op de edelmetalen, op voorwaarde dat de industriële vraag sterk toeneemt.

___
Voor meer informatie:

Press Office ING België: 02/547 24 84 of pressoffice@ing.be

Peter Vanden Houtte: Chief Economist, +32 2 547 80 09, peter.vandenhoute@ing.be

Follow ING on