De Amerikaanse tariefschok – minder scherp in 2025, toenemende negatieve impact in 2026
Brussel, donderdag 02 april 2026 - De Amerikaanse invoertarieven die in 2025 werden ingevoerd, zorgden maandenlang voor onzekerheid, verwarring en verhoogde volatiliteit op de markten. Een jaar later wordt de economische impact steeds duidelijker. Voor België bleek de tariefschok uiteindelijk minder zwaar dan aanvankelijk gevreesd, onder meer dankzij vrijstellingen en de specifieke samenstelling van de Belgische export. Hoewel de Belgische uitvoer naar de Verenigde Staten in 2025 met 7,17% op jaarbasis daalde, bleef het Amerikaanse aandeel in de totale Belgische export opvallend stabiel. Onze analyse suggereert dat deze ogenschijnlijke tegenstelling kan worden verklaard door een combinatie van een algemeen verlies aan competitiviteit en wisselkoerseffecten, die de export in 2025 drukten, terwijl de directe tariefimpact voor België tijdelijk werd afgezwakt doordat de tarieven voor andere belangrijke handelspartners van de Verenigde Staten sterker stegen. Daardoor bleef het Amerikaanse exportmarktaandeel relatief intact. Deze dempende werking dreigt echter weg te vallen in 2026. Nu de tarieven vermoedelijk structureel worden vastgelegd op 15% via het EU‑VS‑handelsakkoord terwijl de IEEPA‑tarieven voor andere landen zijn vervangen een algemeen, gemiddeld lager, basistarief, zullen de Amerikaanse tarieven in 2026 voelbaar beginnen door te spelen in de Belgische economie, bovenop het verlies aan concurrentiekracht dat de export al onder druk zet.
“De daling van de Belgische export naar de VS in 2025 werd vooral gedreven door competitiviteitsverlies en wisselkoerseffecten, terwijl de negatieve tariefimpact tijdelijk werd gecompenseerd door zwaardere tarieven voor andere handelspartners. In 2026 neemt die buffer af, waardoor de negatieve tariefeffecten bovenop het verlies aan concurrentiekracht komen dat de Belgische export reeds onder druk zet”, zegt Ruben Dewitte, econoom bij ING België.
Amerikaanse tarieven stegen in 2025, maar minder dan gevreesd
De Verenigde Staten verhoogden in 2025 de invoerrechten op geïmporteerde goederen aanzienlijk. Het effectieve tarief steeg gemiddeld met 8,1 procentpunt, wat historisch uitzonderlijk is. Toch kwam de uiteindelijke stijging lager uit dan wat op basis van de aangekondigde tarieven verwacht werd.
Dat verschil is volgens ING Economic Research te verklaren door gerichte vrijstellingen én het aanpassingsgedrag van exporteurs en importeurs. Hoewel deze aanpassingen de gemiddelde tarieflast temperden, leidde de tariefverhoging wel tot een sterke stijging van de Amerikaanse douane-inkomsten: 257 miljard dollar in 2025, een toename van ongeveer 180 miljard dollar ten opzichte van 2024. Zonder aanpassingsgedrag zouden de inkomsten volgens ING‑schattingen nog circa 66 miljard dollar hoger zijn uitgevallen.
Grote verschillen in effectieve Amerikaanse tariefniveaus
Bron: Amerikaans Censusbureau, ING Economic Research
België bleef relatief gespaard dankzij exportstructuur en concurrentiepositie
Binnen de Europese Unie liepen de gevolgen van de Amerikaanse tarieven sterk uiteen, ondanks het gemeenschappelijke EU‑handelskader. Op geaggregeerd niveau steeg het effectieve EU‑tarief in 2025 tot 8,5%, maar achter dat gemiddelde schuilen aanzienlijke verschillen.
Landen als België, Frankrijk, Nederland en Ierland werden beduidend minder getroffen dan Duitsland, Italië en Spanje, vooral door uiteenlopende exportstructuren. Voor België bleef de effectieve tariefverhoging beperkt tot 4,5 procentpunt, ruim onder het EU‑gemiddelde. Dat is grotendeels te danken aan de specialisatie in onder meer chemische producten en diamant, waarvoor relatief veel vrijstellingen golden.
De extra tariefkosten voor België liepen in 2025 op tot naar schatting 600 miljoen dollar. Dat is aanzienlijk, maar lager dan aanvankelijk gevreesd. België profiteerde bovendien van zwaardere tariefverhogingen voor andere Amerikaanse handelspartners, zoals China en India, waardoor het relatief terrein kon winnen tegenover andere buitenlandse exporteurs.
“België zag de tariefkosten in 2025 met ongeveer 600 miljoen dollar toenemen. Dat is aanzienlijk, maar relatief beperkt in vergelijking met de totale stijging van de Amerikaanse douane‑inkomsten, die over alle handelspartners samen opliep tot 182 miljard dollar. België won in 2025 relatief aan concurrentiekracht op de Amerikaanse markt, omdat sommige buitenlandse concurrenten zwaarder werden getroffen door de tarieven.” zegt Ruben Dewitte.
Tarieven drukten de export, niet het marktaandeel
Ondanks anticipatiegedrag vóór Liberation Day, de beperkte duur van de tariefperiode en een verbeterde relatieve concurrentiepositie daalde de Belgische uitvoer naar de VS in 2025 met 7,2%, vergelijkbaar met andere grote eurolanden. De terugval was vooral zichtbaar in chemie, voertuigen en basismetalen.
Opvallend is dat het Amerikaanse aandeel in de Belgische extra‑EU‑export vrijwel stabiel bleef, terwijl het in andere grote eurozonelanden wel terugviel. Dat wijst erop dat de daling van de Belgisch‑Amerikaanse handel niet uitsluitend door tarieven werd veroorzaakt, maar ook samenhangt met Belgische structurele competitiviteitsproblemen, zoals hoge arbeids‑ en energiekosten.
Een econometrische analyse van ING verzoent het ogenschijnlijk stabiele exportmarktaandeel met de negatieve impact van Amerikaanse tarieven. De analyse onderscheidt drie kanalen waarlangs het Amerikaanse handelsbeleid de Belgische export beïnvloedde: (i) een rechtstreekse tariefimpact, (ii) veranderingen in de relatieve concurrentiepositie en (iii) niet‑tarifaire effecten, zoals beleidsonzekerheid en extra administratieve lasten.
De hogere handelsbarrières drukten de Belgische uitvoer naar de Verenigde Staten aanvankelijk met ongeveer 3%, een effect dat na het vastleggen van het handelsakkoord opliep tot circa 6%. Relatieve concurrentiewinsten, doordat andere handelspartners zwaarder door de tarieven werden getroffen, boden in 2025 nog een tijdelijke compensatie. Die dempende werking nam echter geleidelijk af, waardoor de negatieve tariefeffecten steeds sterker doorwerkten.
Tijdelijke uitvoerpieken na de initiële tariefaankondigingen maakten later in het jaar plaats voor zwakkere export, onder meer door aanhoudende onzekerheid rond het handelsbeleid. Als al deze effecten worden gecombineerd is de geraamde impact van het Amerikaanse handelsbeleid op de Belgische export naar de VS, verrassend genoeg, statistisch niet van nul te onderscheiden (+1,5%).
“Wanneer we het volledige plaatje van de Amerikaanse tarieven in rekening brengen, blijkt hun directe negatieve impact op de Belgische export in 2025 dus beperkt. De sterke terugval van de export naar de VS zien we immers ook breder terug in de export naar andere bestemmingen. De verklaring voor die daling moet dus eerder worden gezocht in structurele competitiviteitsproblemen, zoals hoge arbeids‑ en energiekosten, die op de Belgische export wegen.” zegt Dewitte.
Tarieven en onzekerheid beginnen zwaarder door te wegen in de Belgische export naar de VS dan een betere concurrentiepositie op de Amerikaanse markt
Noot: De geschatte effecten van de tariefwijzigingen komen uit een graviteitsmodel voor de Europese export op sectorniveau. Het model maakt gebruik van de effectieve Amerikaanse tarieven en controleert voor algemene economische ontwikkelingen en andere beleidsmaatregelen. De 2026‑prognose veronderstelt een handelsakkoord tussen de EU en de VS dat leidt tot een lichte stijging van de effectief betaalde tarieven, waarvan de economische impact ook geleidelijk sterker wordt. Tegelijk gaat de raming uit van een afname van niet‑tarifaire belemmeringen dankzij grotere beleidszekerheid en een voortzetting van de mondiale tarieven op het huidige niveau.
Vooruitblik 2026: meer zekerheid, maar structureel hogere tarieven zorgen voor sterkere negatieve impact
De steun voor de Turnberry‑deal in het Europees Parlement brengt meer duidelijkheid en voorspelbaarheid in de trans‑Atlantische handelsrelatie. Het vastleggen van tarieven op 15% kan de onzekerheid verminderen en de niet‑tarifaire impact (administratieve lasten, uitstel van orders) deels verzachten.
Die duidelijkheid komt echter met een prijs: structureel hogere tarieven. Tegelijk staat Belgiës relatieve positie op de Amerikaanse markt opnieuw onder druk, onder meer door een gewijzigd Amerikaans tariefkader (met een basistarief van 15% en hogere specifieke tarieven voor China), wat de concurrentieomgeving in 2026 uitdagender maakt.
ING verwacht voor 2026 een combinatie van licht hogere tarieven, een verslechterende concurrentiepositie en meer beleidszekerheid. Per saldo zullen de negatieve effecten van hogere tarieven en een zwakkere relatieve positie volgens ING zwaarder doorwegen dan de positieve impact van lagere onzekerheid.
“De tariefschok was in 2025 misschien minder dramatisch dan gevreesd, maar de kans is groot dat negatieve impact in 2026 wel duidelijk wordt, in een reeds uitdagende externe markt. Dit benadrukt het belang van een sterkere interne EU‑markt en gerichte maatregelen om onze externe competitiviteit te versterken.” besluit Dewitte.
Volgens de raming van ING zullen de Amerikaanse tarieven de Belgische export naar de VS in 2026 met ongeveer 4,7% doen dalen ten opzichte van 2025, wat gepaard gaat met een terugval van het extra-EU exportmarktaandeel van 20,5% naar 19,7%. Deze impact komt bovenop bredere macro‑economische ontwikkelingen, zoals de evolutie van de euro‑wisselkoers en de Belgische structurele competitiviteitsfactoren, die de Belgische export reeds onder druk zetten.
###
Einde persbericht
Over ING
ING Belgium is een universele bank die financiële diensten aanbiedt aan particulieren, ondernemingen en institutionele cliënten. ING Belgium S.A./N.V. is een dochtervennootschap van ING Group N.V. via ING Bank N.V. (www.ing.com).
ING is een wereldwijd actieve financiële instelling met een sterke Europese aanwezigheid, die bankdiensten aanbiedt via haar dochteronderneming ING Bank. De doelstelling van ING is: mensen in staat stellen om een stap voor te blijven, zowel zakelijk als privé. De meer dan 60.000 medewerkers van ING bieden particuliere en zakelijke bankdiensten aan klanten in meer dan 100 landen.
Aandelen ING Groep zijn genoteerd aan de beurzen van Amsterdam (INGA NA, INGA.AS), Brussel en aan de New York Stock Exchange (ADRs: ING US, ING.N).
ING streeft ernaar om duurzaamheid centraal te stellen bij alles wat we doen. Ons beleid en onze acties worden beoordeeld door onafhankelijke onderzoeks- en ratingbureaus, die jaarlijks updates geven. De ESG-rating van ING door MSCI werd in oktober 2025 verhoogd van 'AA' naar ‘AAA’. Sinds juni 2025 beoordeelt Sustainalytics ING’s beheer van materiële ESG-risico's als 'Sterk', met een ESG Risk Rating van 18,0 (laag risico). De aandelen van ING Groep zijn opgenomen in belangrijke duurzaamheids- en ESG-indexproducten van toonaangevende aanbieders, waaronder Euronext, STOXX, Morningstar en FTSE Russell.
ING_ECO_liberation day_study_NL.pdf
PDF - 293 Kb
Renaud Dechamps
